subscribe: Posts | Comments

Troonrede van 17 oktober 1842

Reacties uitgeschakeld voor Troonrede van 17 oktober 1842

Edel Mogende Heeren!

Bij het opener der tegenwoordige zitting der Staten-Generaal, is het eene behoefte voor Mijn hart, in de eerste plaats te gewagen van de Echt-verbintenis, onlangs door Mijne beminde eenige Dochter, met den Erf-Groothertog van Saksen-Weimar-Eisenach gesloten. lk heb alle reden om te vertrouwen, dat deze vereeniging, onder Gods zegen, strekken zal tot het geluk van Mijn dierbaar Kind.

Onze en ook Uwe deelnemende wenschen, Edel Mogende Heeren! zullen Haar en Haren echtgenoot vergezellen, gelijk Zij nimmer het Vaderland zal vergeten, waaraan Zij waaraan Mijn geheel Geslacht, zoo innig verbonden is.

Bij het verder bezoek van onderscheidene gedeelten des Rijks, heb Ik op nieuw met uitstekend genoegen de meest overtuigende bewijzen ontvangen van verknochtheid en liefde. Het streelt Mijn gevoel, ook op die wijze te ervaren, dat Mijne beminde onderdanen niet onbewust zijn, in welke hooge mate Mijne genegenheid wederkeerig hun toebehoort.

De betrekkingen tusschen Nederland en de vreemde Mogendheden ken merken zich door vriendschappelijke verstandhouding en welwillende belangstelling.

De onderhandelingen met Belgie, tot algeheele ten uitvoerlegging van het Londensch Tractaat, zijn met den ernst en de belangstelling voortgezet, welke derzelver gewigt vordert.

Het strekt Mij tot voldoening aan U Edel Mogenden te kunnen mededeelen, dat de wederzijdsche gevolmagtigden in de laatste dagen omtrent de grondslagen eener schikking zijn overeengekomen, welke alle daarmede in verband staande punten van verschil omvat. Ik moet alzoo vertrouwen, dat het verdrag binnen weinige dagen zal worden gesloten. s Rijks zeemagt is in zoo voldoenden staat, als de toegestane middelen gedoogen. De tuighuizen echter hebben voorziening noodig; men houdt zich daarmede onledig.

Naar gelang der omstandigheden worden steeds de geschiktste rniddelen aangewend, om de verdediging des lands in goeden staat te brengen. De goede wil en de ijver van manschappen en offideren, heeft eene verdere verkorting van den oefenings-tijd der miliciens veroorloofd. De speciale Commissie, belast met het herzien der wetgeving op de militie en Schutterijen, heeft daarin vele moeijelijkheden ontmoet, zoodat niet met zekerheid kan worden gezegd, of de nieuwe wetsontwerpen nog in deze zitting een punt van beraadslaging zullen kunnen uitmaken. Orde en regelmatigheid worden bij voortduring in het binnenlandsch bestuur aangetroffen.

De Politie laat in onderscheidene gedeelten des Rijks te wenschen over. Er worden maatregelen beraamd, om daarin op eene afdoende wijze te voorzien. Het lager onderwijs levert, onder de werking der jongst daargestelde verordeningen, bevredigende uitkomsten op.

Ook de overige takken van openbaar onderwijs blijf Ik met belangstelling gadeslaan, en er is reden om zich te verheugen over het aanzien, waarin de wetenschappen staan, en over den toenemenden bloei der kunsten.

Het voornemen bestaat om weldra nopens de zaken der Maatschappij van Weldadigheid, aan de overweging der Staten-Generaal zoodanige afdoende wettelijke bepalingen te onderwerpen, als de stand dezer aangelegenheid zal vorderen.

Het armwezen trekt Mijne aandacht bijzonder tot zich. Men houdt zich onledig met het beramen van maatregelen, welke beter aan het doel mogen beantwoorden dan die, welke op de bestaande wet gegrond zijn.

In onze Overzeesche Bezittingen heerscht eene gewenschte rust. Landbouw en nijverheid ontwikkelen zich gestadig in Nederlandsch Oost-Indie, in weerwil dat het geschokt kredietstelsel de hulpmiddelen daartoe heeft doen inkrimpen.

De inwendige toestand der West-Indische Kolonien, wier welvaart door onderscheidene oorzaken belemmerd wordt, is het onderwerp van ernstige overwegingen.

Aan de voltooijing van het Strafwetboek, zoo mede aan de voortgaande verbetering van de verschillende takken der Wetgeving, wordt met ijver gearbeid.

Het tweede boek van het Wetboek van Strafregt zal in deze zitting ter tafel worden gebragt. Dit zal ook met meer andere ontwerpen het geval zijn. Een derzelven heeft ten oogmerk om de uitvoering der grondwettelijke bepalingen te regelen, omtrent het in zekere gevallen aan regterlijke ambtenaren te verleenen ontslag.

De mindere bloei, in sommige takken van handel en nijverheid waargenomen, is niet zonder eenigen invloed geweest op enkele belastingen, welke daardoor het geraamd beloop niet ten volle hebben bereikt.

Het gering verschil, uit dien hoofde ontstaan, wordt door toevoeging van andere voorhandene baten gedekt. De hoop, dat hetgeen de bijdragen uit de koloniale geldmiddelen over 1841 beneden de raming verbleven zijn, door ruimere opbrengsten gedurende het loopendejaar zou terug gevonden worden, heeft zich niet mogen verwezenlijken. De steeds dalende markt der koloniale voortbrengselen heeft een nieuw en vrij aanzienlijk te kort doen ontstaan.Deze uitkomst ten grondslag nemende, zullen de koloniale bijdragen voor een volgend tweejarig tijdvak noodwendig tot een lager cijfer onder de geraamde staats-inkomsten moeten worden opgenomen.

Ofschoon dan ook de voor te stellen Begrooting van ’s Rijks uitgaven over 1844 en 1845 in derzelver uitkomsten onmiskenbare blijken zal opleveren van het ernstig streven naar vereenvoudiging en bezuiniging, en dien ten gevolge eene niet onbelangrijke vermindering in haar eind-cijfer zal aanwijzen, zal het desniettemin noodzakelijk zijn het bedrag der gewone middelen tot dekking eenigszins op te voeren.

Eene verhooging der regten op de successie en op het zegel, is tot dat einde meest eigenaardig en minst drukkend voorgekomen.

Mijn wensch echter om in andere belastingen eenige verligting te brengen, zal, naar Ik hoop, vervuld worden, hoezeer de omstandigheden niet veroorloven zulks in die mate te doen, waarin lk dit had verlangd.

De zamenstelling van een nieuw tarief der regten op den in‑, uit- en doorvoer is zoo ver gevorderd, dat daarop eerlang het gevoelen der Kamers van koophandel en fabrijken, alsmede der Commissien van landbouw, zal kunnen ingewonnen worden.

De rekeningen van ’s Rijks inkomsten en uitgaven over 1841 en vroeger zullen aan U Edel Mogenden worden medegedeeld. Daaruit zal onder anderen blijken, dat op den vroegeren achterstand eenige te goed schrijvingen hebben kunnen plaats vinden.

Nadat uit de buitengewone middelen tot dekking daarvan aangewezen, het verschuldigde aan het fonds van den ijzeren spoorweg tusschen Amsterdam en Arnhem, door middel eener inschrijving op het tweede Grootboek der Nationale Schuld, is afgezonderd, blijft der Regering nog de bevoegdheid over tot het te gelde maken van een kapitaal van zes millioen, waartoe, in verband met de behoeften der schatkist, zal worden overgegaan, zonder dat het tijdstip voor alsnog met juistheid te bepalen is.

Met de toegezegde herziening der pensioenen en wachtgelden is een aanvang gemaakt, overeenkomstig de grondslagen, door eene bijzondere Commissie aan de hand gegeven.

Edel Mogende Heeren! Niets zal Mij meer ter harte gaan, dan ook in de tegenwoordige zitting een opregt gemeen overleg te bevorderen. Ik maak daarbij staat op de medewerking van allen, binnen den kring aan elk door de Grondwet afgebakend, en Ik hoop Mijnerzijds met getrouwheid de hooge pligten te vervullen, welke de Voorzienigheid Mij heeft opgelegd. Waar Vorst en Volk ernstig en eendragtig het goede zoeken, dáár mag de zegen des Allerhoogsten met vertrouwen worden ingewacht.

Comments are closed.