subscribe: Posts | Comments

Troonrede van 21 september 1897

0 comments

Mijne Heeren!

Bij den aanvang van dit zittingjaar is het Mij aangenaam U ter behartiging van ‘s Lands belangen opnieuw bijeen te zien.

Worden Mijne dierbaarste wenschen en die van het Nederlandsche Volk vervuld, dan zal vóór het einde van dit zittingjaar Mijne beminde Dochter de Regeering aanvaarden.

De algemeene toestand, zoowel in het moederland als in de koloniën, is in menig opzicht bevredigend.

In handel, scheepvaart en nijverheid is uitbreiding merkbaar. Hier te lande was de oogst van onderscheidene gewassen gunstig. Door de heerschende ziekte onder het vee en de daaruit voortvloeiende belemmering van den vee‐uitvoer wordt nochtans groot nadeel geleden. Op Java heeft de suikerindustrie te kampen met moeilijkheden. De betrekkingen met de buitenlandsche Mogendheden blijven van den meest vriendschappelijken aard.

Zee‐ en landmacht vervullen hare taak met ijver en opgewektheid. Aan den moed en de volharding van het Nederlandsch‐Indische leger, door de vloot krachtdadig gesteund, breng Ik warme hulde, de offers diep betreurende, die nog steeds gevergd worden om in Atjeh, ten bate van rust en vrede, onze macht duurzaam te vestigen.

Gewichtige arbeid wacht U in dit zittingjaar.

Een wetsontwerp tot afschaffmg der dienstvervanging bij de militie, als voorbereiding van de hervorming der levende strijdkrachten, hoop Ik U eerlang aan te bieden.

Vereeniging van de zorg voor de landbouwbelangen bij één Departement van Algemeen Bestuur wordt U voorgesteld.

Wetsontwerpen zullen U worden aangeboden tot betere bescherming en berechting van kinderen en jeugdige personen, tot regeling van den leerplichts en tot wettelijke verzekering van werklieden tegen de gevolgen van ongevallen in bepaalde bedrijven.

Weldra bereikt U voor Nederlandsch‐Indië een ontwerp mijnwet, benevens een voorstel betreffende het uitvoerrecht op suiker.

De ontwerpen betreffende het Militair Strafrecht en de Krijgstucht worden opnieuw ingediend.

Wetsvoordrachten tot verbetering van maatschappelijke toestanden, met name betreffende de volkshuisvesting, den arbeid en het armwezen, zijn in bewerking.

Aan versterking der Rijksinkomsten door wijziging van het tarief van invoerrechten met behoud zijner bestaande grondslagen wijd Ik Mijne aandacht.

Op Uwen ijver en Uwe toewijding tot volbrenging der veelomvattende taak, die op U rust, blijf Ik bij voortduring staat maken.

Mogen Uwe werkzaamheden, onder Gods zegen, strekken tot welzijn van ons dierbaar Vaderland!

In naam der Koningin, verklaar Ik de gewone zitting der Staten‐Generaal te zijn geopend.

Leave a Reply