subscribe: Posts | Comments

Troonrede 19 september 1978

0 comments

Leden van de Staten-Generaal,

Regering en volksvertegenwoordiging staan voor ingrijpende beslissingen op economisch en sociaal gebied. Deze kunnen geen uitstel meer lijden. De werkloosheid heeft heel veel mensen getroffen. Hun aantal dreigt nog groter te worden. De Nota Bestek’ 81 toont de ernst van de economische situatie en bevat een beleidsplan. Volgens sommigen is het te drastisch, volgens anderen niet kordaat genoeg. De regering hoopt op cen openhartige en onbevooroordeelde gedachtenwisseling over hetgeen ons allen nu te doen staat.

Het kabinet richt zijn beleid vooral op een duurzaam herstel van de werkgelegenheid. Hiertoe moet de inflatie beteugeld worden en de groei van de collectieve uitgaven gematigd, mede om ruimte te maken voor verbetering van de rendementen van onze bedrijven. In samenspraak met U en met de organisaties van werknemers en werkgevers wil het kabinet deze grote problemen aanpakken. Dat overleg kan alleen met begrip voor elkaars verlangens en eerbiediging van elkaars verantwoordelijkheden tot een goed einde worden gebracht.

De regering heeft de begroting zo opgesteld dat de gemeenschapsvoorzieningen op peil kunnen blijven. Aanzienlijke bedragen zijn bovendien uitgetrokken om de arbeidsmarkt beter te doen functioneren en om onze energiepositie in de toekomst te versterken. Toch verandert de druk van belastingen en sociale premies, vrijwel niet. Handhaving van de koopkracht voor het merendeel van de bevolking heeft een belangrijke plaats in het beleid. Door een wijziging aan de voet van de tarieven van de loon- en inkomstenbelasting krijgen de lagere inkomens bijzondere aandacht. Ook overigens stelt de regering zich een rechtvaardige verdeling van lasten ten doel. De omvang van de belastingmaatregelen wordt tot het uiterste beperkt. Alleen de belasting op overdracht van onroerend goed wordt verhoogd en de hoofdsom van de motorrijtuigenbelasting wordt aan de inflatie aangepast. Het kabinet wil niet tornen aan de inflatiecorrectie in de loon- en inkomstenbelasting.

Met handhaving van extra bijdragen aan de sociale fondsen zal het mogelijk zijn af te zien van verzwaring van de sociale premies. Voorwaarde daartoe is dat de in Bestek ’81 aangekondigde voornemens op het terrein van de sociale voorzieningen worden uitgevoerd.

Met de voorstellen die U heden bereiken gaat de regering tot de grens van een nog verantwoord te achten financieringstekort. Komen er ernstige tegenvallers, dan zullen in 1979 nadere beslissingen niet kunnen uitblijven. De stijging van de inkomens moet worden gematigd, maar dat mag niet beperkt blijven tot enkele groepen. Spoedig zal de regering de Sociaal-Economische Raad advies vragen over een raamwet voor een samenhangend inkomensbeleid. Zij zal de Raad ook advies vragen over mogelijkheden om meer invloed te krijgen op de inkomensontwikkeling in sectoren die met gemeenschapsgelden worden gefinancierd.

Dezer dagen wordt een commissie ingesteld om een studie te maken van de ontwikkeling van het incidentele loon en van de mogelijkheden tot beheersing daarvan. Binnenkort zult U het wetsontwerp ontvangen over het collectieve deel van de vermogensaanwasdeling.

Het prijsbeleid blijft, ook wat de overheidstarieven betreft, gericht op bestrijding van de inflatie. Om de inkomens van kleine zelfstandigen te beschermen tegen de inflatie wil de regering de tijdelijke zelfstandigenaftrek in de inkomstenbelasting ook in 1979 handhaven. De gehuwde vrouw die als zelfstandige werkt of met haar echtgenoot meewerkt in het bedrijf zal in geval van arbeidsongeschiktheid met ingang van 1 januari aanstaande aanspraak kunnen maken op een uitkering.

Op de arbeidsmarkt bestaan, ondanks omvangrijke werkloosheid, ook tekorten. Dit stelt zware eisen aan het beleid. Uitbreiding van de mogelijkheden tot scholing zal moeten bijdragen tot een doeltreffender arbeidsbemiddeling. Ook door een betere verdeling van het beschikbare werk te stimuleren wil het kabinet meer kansen geven aan hen die werk zoeken. Bestek ’81 laat ruimte voor een belangrijke uitbreiding van de werkgelegenheid bij de overheid en in de met gemeenschapsgelden gefinancierde dienstverlening.

In de nabije toekomst zal ons land meer energie moeten invoeren dan het uitvoert en dus afhankelijker worden van het buitenland. Om het daaraan verbonden risico te beperken is het beleid gericht op zuiniger verbruik, op invoer van kolen en gas en op ontwikkeling van nieuwe energiebronnen. Over de toepassing van kernenergie zullen, na maatschappelijke discussie hierover, nadere beslissingen moeten worden genomen.

In de internationale arbeidsverdeling voltrekken zich belangrijke veranderingen. Het in stand houden van bedrijven die geen perspectief meer hebben zou die veranderingen miskennen. Daarom wil het kabinet geleidelijk overgaan van steun aan zwakke bedrijven naar stimulering van bedrijfstakken die zijn opgewassen tegen de internationale concurrentie. De industrieel ontwikkelde landen staan voor de noodzaak zich toe te leggen op technologisch hoogwaardige goederen en diensten. Allereerst ligt hier een taak voor de ondernemingen zelf. Het kabinet rekent het evenwel tot zijn verantwoordelijkheid ons bedrijfsleven daarbij te helpen. In het kader van het wetenschapsbeleid worden onder meer voorstellen voorbereid om de in ons land beschikbare mogelijkheden tot het verrichten van onderzoek beter aan te wenden.

De groei van de internationale handel is na de energiecrisis traag en onregelmatig gebleven. In samenwerking met andere landen spant de regering zich in om het daaruit voortspruitende gevaar van protectionisme af te wenden. De versterking van het exportbeleid zal met dit streven in overeenstemming moeten zijn. Gelukkig heeft het internationals overleg over een betere coördinatie van het financiële en economische beleid aan betekenis gewonnen. Bijzondere aandacht verdient de uitwerking van de besluiten van de Europese Raad in Bremen. Het scheppen van een Europese zone van monetaire stabiliteit zal een bijdrage kunnen leveren tot een evenwichtiger ontwikkeling van de wereldhandel.

Het komende jaar zal van groot belang zijn voor de Europese Gemeenschap. De rechtstreekse verkiezingen voor het Europese Parlement zullen eindelijk een brug slaan tussen de instellingen van de gemeenschappen en de burgers. De beoogde toetreding van Griekenland, Spanje en Portugal maakt het nodig de besluitvaardigheid van deze instellingen te vergroten. Ter versterking van de economische en monetaire samenwerking zullen volgend jaar concrete besluiten moeten worden genomen. Dit geldt evenzeer voor de totstandkoming van een Europees visserijbeleid dat ook aan het belang van de Nederlandse vissers recht zal doen.

Ter wille van vrede en veiligheid zal de defensieinspanning zich blijven richten op de gezamenlijke verdediging van het Noordatlantisch gebied. U worden plannen aangeboden om de kwaliteit van de Nederlandse bijdrage in de komende tien jaren op peil te houden. De regering blijft ijveren voor wapenbeheersing en ontspanning. In de toelichting op de begroting wordt aan het benauwende vraagstuk van de kernbewapening uitvoerige aandacht geschonken. De regering blijft zich inzetten voor de eerbiediging van de rechten van de mens. Van het beleid dat zij hiertoe voorstaat zal zij U binnenkort een uiteenzetting doen toekomen.

Het nieuws, dat ons gisteren bereikte over de uitkomst van de conferentie in Camp David, heeft de hoop doen herleven op vrede in het zo zwaar beproefde Midden-Oosten.

De hulpverlening aan de Derde Wereld blijft voor ons land een taak van de hoogste orde. Aan de ontwikkelingshulp wordt dan ook niet getornd. Maatregelen zijn genomen om de hulp sneller en doeltreffender te kunnen geven, in het bijzonder aan de armste landen en bevolkingsgroepen.

Van niet minder betekenis dan de hulpverlening zijn de betrekkingen tussen de arme en rijke landen op het gebied van handel, investeringen en kapitaalverkeer. Over het door ons land en door de Europese Gemeenschap te voeren beleid zullen U nota’s worden aangeboden.

De regering streeft naar de spoedige instelling van de werkgroep van deskundigen die de toekomstige relaties tussen de Nederlandse Antillen, de eilanden van de Nederlandse Antillen en Nederland zal onderzoeken.

De regering werkt voort aan een sluitend stelsel van wetgeving ter bescherming van het milieu. De Wet algemene bepalingen milieuhygiëne zal worden uitgebouwd tot een kaderwet. In het komend jaar zal U een ontwerp van Wet op de bodembescherming worden aangeboden. Met wetgeving over milieugevaarlijke stoffen zal een begin worden gemaakt. Vervuiling door bedrijven zal worden bestreden met behulp van een nieuw programma voor financiële steunverlening. De verontreiniging van de Rijn blijft zorgen baren. De regering stelt alles in het werk om het Zoutverdrag door alle oeverstaten bekrachtigd te krijgen. Een Wet op de waterhuishouding is in voorbereiding.

De laatstejaren neemt het woningtekort toe, vooral in en nabij de grote steden in het westen. Ondanks de omvangrijke financidle steun is de woningproduktie vertraagd, onder meer door een tekort aan geschoolde arbeidskrachten. Het kabinet zal binnen het kader van een weloverwogen ruimtelijke ordening al het mogelijke doen om het hele woningbouwprogramma tot uitvoering te brengen. Stadsvernieuwing is voor de bewoonbaarheid van onze steden van grote waarde en raakt het welzijn van heel veel mensen. Dit blijft dan ook een hoofdonderwerp van beleid.

De regering zal een voorstel tot wijziging van de Onteigeningswet bij U indienen en de toekenning van een voorkeursrecht aan gemeenten bevorderen. In het belang van de ondernemers in de landen tuinbouw beoogt zij een spoedige invoering van een landbouwkundige toetsing van de overdracht van gronden.

Vooral terwille van de verkeersveiligheid zal het treffen van voorzieningen op punten waar het wegennet regelmatig overbelast is, worden versneld. De beperking van de groei van de rijksbegroting dwingt tot vertraging van de aanleg van wegen in gebieden waar het verkeer geen stagnatie ondervindt.Op basis van het aan te bieden Structuurschema Verkeer en Vervoer zal in dit zittingsjaar overleg met U kunnen plaatsvinden over het verkeers- en vervoersbeleid op lange termijn.

Aan de wetsontwerpen Voorzieningen Gezondheidszorg en Tarieven Gezondheidszorg zal een zodanige vorm worden gegeven, dat het samenspel tussen particulier initiatief en overheid zo goed mogelijk kan verlopen. De kwaliteit van de opleidingen wordt verbeterd en de opzet ervan wordt doelmatiger gemaakt.

De regering hoopt op een goed overleg met de Staten-Generaal over de ontwerp-Kaderwet specifiek welzijn, waarin het streven naar decentralisatie gestalte krijgt. Zij zal de zienswijze van de Harmonisatieraad Welzijnsbeleid vragen over harmonisatie van de wetgeving op dit terrein.

Wetsontwerpen tot verlaging van de leeftijd van meerderjarigheid zullen U spoedig bereiken. Binnenkort worden wetsvoorstellen ingediend voor verdergaande gelijkberechtiging van de vrouw in het familierecht en bij de arbeid. Ook op het gebied van onderwijs en opleidingen worden voorstellen voorbereid om haar meer mogelijkheden te bieden. De regering erkent hoe belangrijk onderricht en vorming zijn voor het verminderen van maatschappelijke achterstanden. Daarom zal ook het onderwijs aan anderstalige kinderen worden verbeterd.

Bij het kleuter- en lager onderwijs moet het opleiden van leerkrachten worden aangepast aan de vermindering van het aantal leerlingen in de komende jaren. Deeltijdarbeid zal ook hier worden bevorderd.

In samenwerking met de universiteiten en hogescholen is goede voortgang geboekt bij de planning van het wetenschappelijk onderwijs en onderzoek. Voor het eerst sinds jaren zal u weer een Algemeen Financieel Schema worden aangeboden, waarin de verwachte taken en middelen van de instellingen voor de jaren 1980 tot en met 1983 zijn beschreven.

Te zorgen voor veiligheid voor de burgers is een hoofdtaak van de regering. Om de politie in staat te stellen te voldoen aan het toenemend beroep dat op haar wordt gedaan, zal in de komende jaren de sterkte van de korpsen worden verhoogd en zullen hun organisatie en werkwijze worden verbeterd. Nadere voorstellen tot hervorming van het binnenlands bestuur kunnen binnenkort worden verwacht.

De regering vertrouwt dat met de parlementaire behandeling van wetsontwerpen tot grondwetsherziening in deze zittingsperiode goede voortgang kan worden gemaakt.

Leden van de Staten-Generaal,

In het hart van de regeringsverklaring stond het begrip verantwoordelijkheid. In het zicht van de ernstige problemen waarvoor ons land staat doet de regering, opnieuw, cen beroep op iedereen om als verantwoordelijke burgers versoberingen te aanvaarden en matiging te betrachten. Het besef dat de economische positie van ons land zorgwekkend is, leeft nog onvoldoende. Maar even belangrijk als de verbreiding van dat besef is de bereidheid om te delen in de offers die nodig zijn, in het bijzonder om ook op langere termijn werkgelegenheid veilig te stellen.

De wereld is echter groter dan Nederland en bij de noden die elders moeten worden gelenigd vallen onze eigen zorgen bijna in het niet. De regering vertrouwt erop dat we, in het bewustzijn daarvan, bereid zullen blijven ons te gedragen in overeenstemming ook met die verantwoordelijkheid.

In het nieuwe zittingsjaar zal van regering en Staten-Generaal veel inspanning worden gevergd.

Moge dat werk worden gedaan in het vertrouwen dat velen U wijsheid toewensen en om zegen voor u bidden. Hiermee open ik de nieuwe zitting van de Staten-Generaal.

Leave a Reply